|
LAATSTE BRIEF VAN EEN HOND AAN ZIJN BAASJE.
Wat was ik blij die ochtend. Jij werd heel vroeg wakker, je pakte de koffers in. Je pakte mijn halsband. Ik voelde me zo blij! Een kleine wandeling voor dat we op vakantie gaan. Wat een geluk! Wat een blijschap! We gingen in jouw auto en ineens stopte je langs de weg. Je maakte de deur open en je gooide met een stock, net als alle andere keren, toen jij en ik zo gelukkig speelden. Ik rende en rende, tot dat ik het stokje vondt. Ik paakte het snel tussen mijn tanden en rende terug om het aan jouw te geven. Ik kende al zo goed dit spel, die ons zo veel keren gelukkig heeft gemaakt. Maar toen ik terug kwam om het stokje terug te geven, was jij er niet meer! In paniek rende ik overal om je te zoeken, maar het was nutteloos, je was er niet meer. Dag na dag werd ik steeds zwakker, maar was je ook zo ver, ik hoefde alleen op je te wachten, want in mijn hart wist ik dat je terug zou komen. Je zou me nooit verlaten. We houden heel veel van elkaar, en dat weten we beiden. Op een dag kwam een man die ik niet kende, ik kreeg een halsband om mijn nek en hij naam mij mee. Ineens zat ik in een kooi opgesloten, en daar wachtte ik op jouw terug komst...maar je kwam niet, en ik werd steeds zwakker... Dagen later werd mijn kooi open gemaakt. Wat was ik blij! Je was terug gekomen! ...Nee, jij was het toch niet. Het was de zelfde man die me had meegenomen. Hij haalde me uit de kooi en bracht me naar een kamertje waar het verschrikkelijk naar de dood rook. Ja, je kon de dood overal voelen. Ik begreep dat mijn laatste uur was aangekomen. Lieve baasje, ik wil dat je weet, dat ook al heb je me zo veel laten lijden, dat het me niets kan schelen. Ik zal altijd aan je denken. En als ik ooit terug op de aarde mag komen, dan zal ik doorgaan met zoeken om je te vinden...want IK hou van je.
|